Startpagina A4D 2018 Gebieden Geschiedenis Wandeltochten Nieuws Contact Fotogalerie Privacyverklaring

Uithuizen

Het dorp Uithuizen stamt uit de tiende eeuw. Hoewel het niet een echte wierde is, is er wel een aantal kenmerken die erop wijzen dat het dorp op een hooggelegen rug is gebouwd. De molen en de Doopsgezinde kerk staan op een verhoging. De  Mennonietenkerkstraat die tussen de molen en de kerk ligt, is waarschijnlijk eens  afgegraven. De Molenwierdwarswstraat en de St. Vincentiusstraat vertonen een duidelijke helling. Het hoogste punt van de wal waarop Uithuizen is gebouwd, is de kruising Hoofdstraat West - Maarweg - Startstraat. Overigens is de wal in de loop van de tijd danig aangetast en afgegraven.

De bevolking van Uithuizen is blijkbaar altijd erg tolerant geweest ten opzichte van “andersdenkenden”. In het dorp staan vier grote kerkgebouwen en bestaan tenminste de volgende kerkgemeenschappen:  Nederlands Hervormd, Gereformeerd, Gereformeerd Vrijgemaakt, Rooms Katholiek, Jehova’s getuigen, Apostolisch en Doopsgezind. Een Joodse synagoge is in 1933 afgebroken.

De Jacobikerk is

De kerk werd gebouwd tussen 1225 en 1250 op de restanten van een tufstenen kerk. De toren staat nog op een tufstenen fundering. Zo omstreeks 1200 was in het noorden de kennis aanwezig om stenen te bakken uit de jonge zeeklei.

Er ontstond een  totaal nieuwe bouwstijl: de romano-gotiek in baksteen. Romaans vanwege de rondbogen als één der belangrijke kenmerken, gotisch door de spitsbogen, die na 1300 meer en meer toepassing vonden. Een aantal romano-gotische elementen vinden wij terug in de kerk van Uithuizen. De naam van de kerk is ontleend aan de apostel Jacobus. Men heeft dit lange tijd aangenomen, zeker was het niet. Pas in 1979 bij de restauratie van de kerk kwam in een gewelfveld een heiligenfiguur te voorschijn die veel leek op de afbeelding op een zegel uit 1388 en de apostel Jacobus moet voorstellen.

Het Schnitger-orgel is omstreeks 1700 geplaatst in opdracht van Unico Alberda, bewoner van de Menkemaborg.

Later zijn er vrij ingrijpende reparaties aan het orgel uitgevoerd: in 1785 door Hinsz, in 1810-1830 door Lohman Hinz en in 1854 door Van Oeckelen. In 1986 is opnieuw een grote restauratie begonnen waarbij veel van de oorspronkelijke Schnitger kenmerken en het Schnitgergeluid zijn hersteld.

Opmerkelijk is dat op de toren, in het wapen op de voormalige kleine luidklok, op de luifel van het herengestoelte en op een rouwbord van één van de Menkema’s een zeemeermin voorkomt. Toch meer een toonbeeld verleiding en ondeugd dan dat het de boodschap van de  kerk uitbeeld. De zeemeermin als wapenafbeelding bestond waarschijnlijk al voor de Menkema’s zich in Uithuizen vestigden. Over de oorsprong is verder eigenlijk niets bekend.


De tolerantie ten opzichte van andersdenkende is waarschijnlijk voor een belangrijk deel te danken aan de bestuurders in de omgeving van het dorp. Vooral de Menkema’s waren ruimdenkende bestuurders.

De Menkema’s waren de eigenaren van de Menkemaborg. Deze borg is waarschijnlijk ontstaan uit een steenhuis, dat hier in de dertiende/begin veertiende eeuw heeft gestaan. De borg dateert uit het einde van de veertiende/begin vijftiende eeuw. In 1628 komt de borg in het bezit van de familie Alberda (van Menkema).

Unico Alberda heeft de borg rond 1700 ingrijpend verbouwd. De laatste bewoner was Gerard Alberda van Menkema.

Hij bewoonde de borg tot hij overleed in 1902. Deze Gerard Alberda van Menkema was ook de eigenaar van de borg Dijksterhuis in Pieterburen. Deze borg werd in 1903 gesloopt, de Menkemaborg werd geschonken aan het Groningen Museum. Borg en tuin zijn weer prachtig ingericht. In het Schathoes is een restaurant gevestigd.

Oldörp/Uithuizen moet in de middeleeuwen een belangrijke plaats zijn geweest. In mei 2007 werden in de omgeving van Uithuizen de fundamenten van twee andere  steenhuizen of borgen gevonden. Bij het zwembad vonden archeologen de restanten van de Takumaborg. Aan de N46 vond men de restanten van de borg Aylbada.  De laatstgenoemde was een grote borg met zijn afmetingen van 60 bij 35 meter met een woontoren. Dit laatste wijst erop dat borg Aylbada ontstaan is uit een steenhuis, zoals de meeste Groninger borgen.


De Doopsgezinde kerk

Kerkplein met het gemeentehuis en de Jacobikerk